Cultuur en criminaliteit
Dat niet-westerse allochtonen relatief vaak worden verdacht van een misdrijf, komt slechts voor een deel door hun achtergestelde sociaaleconomische positie. Dat concluderen drie wetenschappers in een artikel in de laatste editie van het sociaalwetenschappelijk tijdschrift Mens & Maatschappij. Zij vermoeden dat ook culturele factoren een rol spelen bij de hogere criminaliteitscijfers onder etnische minderheden. [...]
Zij hebben deze cijfers vervolgens gecorrigeerd op een aantal sociaaleconomische factoren, zoals het inkomen van huishoudens. De verschillen tussen autochtonen en allochtonen worden dan kleiner, maar zijn nog steeds aanzienlijk.
”Samenvattend kunnen we stellen dat het ook na correctie voor een aantal demografische en sociaaleconomische achtergrondkenmerken niet al te positief is gesteld met de criminaliteit onder niet-westerse allochtonen.” [bron]
Iedereen wist het eigenlijk wel, sommigen zeiden het ook al, maar nu is het ook wetenschappelijk bewezen. Dat betekent dat de notoire multiculti’s en politiek correcten nu met een kater wakker kunnen worden uit hun permanente staat van ontkenning. Het is natuurlijk ook niet vreemd dat cultuur een belangrijke verklaring voor criminaliteit is, want wat is cultuur meer dan het geheel van normen, waarden, gewoontes en gebruiken van een (deel)gemeenschap? Dat de oorsprong van criminaliteit voor een belangrijk deel daar gezocht moet worden is dus niet meer dan vanzelfsprekend.
Zo zou bij Turkse en Marokkaanse jongeren meespelen dat de cultuur van hun ouders en die van de Nederlandse samenleving erg verschillend zijn.
Dat is dan de veelgehoorde verklaring: het verschil in culturen. Als dat juist is heeft dat een aantal vertrekkende implicaties. Enerzijds zou het impliceren dat immigratie uit landen met een cultuur die ver van de Nederlandse afstaat onwenselijk is. Anderzijds zou het betekenen dat het ongewenst is om die verschillende culturen naast elkaar te laten bestaan: het definitieve failliet van de multiculturele samenleving, althans, voor zover het de culturen betreft die ten grondslag liggen aan deze criminaliteit. Want het is maar de vraag of alle culturen die verschillen van de autochtoon Nederlandse (wat is die trouwens?) ook criminaliteit in de hand werken.
Om welke aspecten van de cultuur het dan gaat is schijnbaar niet onderzocht maar met een beetje common sense is dat niet zo moeilijk te raden: respect voor gezag buiten het gezin (politie, school), eer schaamte en trots, respect voor mensen buiten de eigen gemeenschap, houding tegenover andersdenkenden (bv. homo’s), etc.
Cultuur is een moeilijk te definiëren begrip, maar daarom niet minder van invloed op ons gedrag. Het is bovendien een dynamisch verschijnsel. De suggestie dat de Marokkaanse cultuur of de islam misdaad produceert, is onzinnig. Het gaat immers om jongeren die in Nederland zijn geboren en opgegroeid, maar gesocialiseerd zijn in Marokkaanse gezinnen.
Toch spelen Marokkaanse culturele patronen als eer, schaamte, trots, wantrouwen en hoge gevoeligheid wel degelijk een rol in hun gedrag. [bron]
Deze aspecten zie je overigens (voor een deel) ook terug bij Nederlandse tokkie’s, dus misschien moet de conclusie gewoon zijn dat veel immigranten feitelijk geimporteerde tokkie’s zijn. De achtergrond van die immigranten uit de in het onderzoek genoemde landen (mn. Marokko, Turkije, Antillen) bevestigd dat wel: het zijn nl. meestal mensen uit de sociaalculturele onderklasse en opvoeding is belangrijke factor in gedrag.
Na de leeftijd van ongeveer 18 jaar dalen de Marokkaanse verdachtencijfers erg snel, hetgeen niet gebeurt bij Antilliaanse verdachten, die dalen pas na hun 40ste. [bron]
Maar misschien is dat ook te makkelijk. Want het hoge aantal gevallen van geestesziekten onder sommige allochtoonse groeperingen zal ongetwijfeld ook van invloed zijn, evenals de mate van drugsgebruik: veelplegers blijken nl. vaak verslaafd te zijn. En Hans Werdmolder beschreef reeds in zijn boek “Marokkaanse Lieverdjes” de gevolgen van de Antilliaanse cultuur, waar de mannen hun verantwoordelijkheid als vader niet nemen, en kinderen daardoor vaak in gebroken gezinnen opgroeien. Maar uit de weinig beschikbare onderzoeksresultaten naar intergenerationele criminaliteit blijkt dat crimineel gedrag van de vader vaak op de zoon wordt overgedragen, en dat de aanwezigheid van een criminele vader dus eerder negatieve invloed heeft. Last but not least kan de vraag worden gesteld in hoeverre genetische oorzaken een rol spelen.



Opvallend is weer dat de drie onderzoekers afkomstig zijn van het WODC, CBS en de Uni van Utrecht, uit de marge zeg maar. De gevestigde vakgroepen criminologie en sociologie (m.n. UvA, Erasmus) hebben dit 25 jaar lang lopen ontkennen om maar niet te hoeven erkennen dat diversiteit aan de bovenkant een verrijking is, maar aan de onderkant meer kapot maakt dan iets oplevert. Zal ook wel niet tot zelfreflectie leiden, maar goed.