Haatbaard zonder baard

Nog enkele opvallende citaten van Rouvoet:

Het is in de islam niet vanzelfsprekend dat de vrijheden die wij hier koesteren ook een plek krijgen tegen de achtergrond van de religieuze opvattingen. In het westen zijn wij gewend om te spreken over scheiding of onderscheiding van kerk en staat. Dat markeren we vrij scherp. Dat is cruciaal. Dat is in veel islamitische landen verre van normaal. Daar moet je heel scherp in zijn dat dat niet past in ons concept van de rechtsstaat.

Als dat waar is, waarom discrimineert onze (grond)wet dan ongelovigen tov. gelovigen?!

Inpassing is wat anders dan aanpassing, zegt Rouvoet. Dat antwoord van aanpassing hoor je vaak bij andere politieke partijen, bijvoorbeeld de Sociaaldemocraten of de Liberalen. Voor de ChristenUnie gaat het om de vrijheid van godsdienst. Dat is één van de belangrijkste wapens in het integratiedebat.

Godsdienst is een van de belangrijkste wapens in het integratiedebat?! Dat moet Rouvoet dan toch eens uitleggen.

Die orthodoxe opvattingen zijn toch vaak de opvattingen waar de PVV van Geert Wilders van gruwelt. Maar Rouvoet stelt niet voor niets de vrijheid van godsdienst centraal. In tegenstelling tot de PVV en de VVD. Deze partijen tillen de vrijheid van meningsuiting boven alles uit, vindt Rouvoet. Dat vindt hij een gevaarlijke ontwikkeling die de rechtsstaat uiteindelijk ondermijnt.

Dan vind ik dat de liberale partijen – dat is niet alleen de PVV van Geert Wilders, dat is ook de VVD – die zeggen dat de vrijheid van meningsuiting veel belangrijker is dan de vrijheid van godsdienstuiting. Voor je het weet doe je onrecht aan een hele grote groep mensen die je niet dezelfde ruimte gunt voor hun levensovertuiging die je voor jezelf gunt. Dat is het begin van het einde van de democratische rechtsstaat. Daar wil ik niet aan meewerken.

De VVMU ondermijnt de rechtstaat?! OMG, dat zegt dus de vicepremier van dit land. Dan heb je er toch echt weinig van begrepen. De VVMU is nou net een van de grondbeginselen en daarmee onmisbaar in een rechtstaat.

Rouvoet heeft weer eens bewezen dat het echte gevaar voor onze rechtstaat bij gelovigen als hijzelf gezocht moet worden. En ze zitten al in onze regering! Zover is het al gekomen.

Advertenties

“Godsdienstvrijheid staat niet gelijk aan uitzondering op rechtsregels”

Godsdienstvrijheid staat voor hem echter niet gelijk met het recht op een uitzondering op de rechtsregels. De sluier is voor hem [imam Nordine Taouil, trs] een beperking van de seksuele uitstraling van de vrouw. “Onze samenleving leert dat de man zich moet beheersen en niet dat de vrouw zich moet bedekken”, aldus nog de N-VA-voorzitter. [bron]

Was getekend: N-VA-voorzitter Bart De Wever. Wanneer horen we in Nederland het eindelijk eens iemand zo helder formuleren?!

Paul Cliteur: lees Fernando Savater

Paul Cliteur schreef vandaag een lang artikel over rol van het Atheisme in het discours over religie en gedeelde waarden in de hedendaagse maatschappij. Cliteur verwijst daarbij uitdrukkelijk naar de spaanse filosoof Fernando Savater:

Fernando Savater is een van de populairste denkers van Spanje. Hij werd geboren in San Sebastián (het Spaanse Baskenland) en hij studeerde filosofie in Madrid. Om politieke redenen heeft hij in de nadagen van het Francobewind korte tijd gevangen gezeten. Hij moest ontslag nemen als universitair docent. Na de dood van Franco werd hij benoemd als hoogleraar ethiek aan de universiteit van San Sebastián en in 1993 als hoogleraar filosofie aan de universiteit van Madrid. Door zijn verzet tegen het terrorisme staat hij al jarenlang op de dodenlijst van de Eta. Van het Europees Parlement kreeg hij de Sacharov-prijs.

Hieronder enkele citaten waarin cliteur de opvattingen van Savater samenvat:

Laat ik beginnen met het anti-relativistisch uitgangspunt dat hij uitdraagt. In zijn onlangs verschenen verschenen ’Vrijheid, gelijkheid, burgerschap: zakwoordenboek voor mensen van morgen’ zegt hij: „We hoeven niet te verhullen noch ons ervoor te schamen dat wij in het Westen ons met pijn en moeite ontdaan hebben van de voorouderlijke manier van leven (waarin we onder meer gebukt gingen onder een rigide hiërarchie van klassen en onder de knoet van een kerkelijke gedachtepolitie). Het zou absurd zijn de verovering van de hedendaagse vrijheid ongedaan te maken door het importeren van tradities van onderdrukking en bijgeloof.”

Eerlijk gezegd zijn dit m.i. niet heel nieuwe ideeen, wat echter niets afdoet aan hun waarheidswaarde.

Over de veelbesproken kwestie of migranten aan hun eigen identiteit mogen vasthouden zegt hij: „Migranten hebben in beginsel gelijk als ze vasthouden aan hun gebruiken, gastronomie, hun vormen van vroomheid en proberen die met ons te delen – want de vrijheid dat te doen, is een van de vormen van rijkdom die wij bieden. Maar het bewaken van hun culturele erfenis is alleen goed mogelijk als dat gepaard gaat met het herscheppen van de tradities van hun gemeenschap in een vorm die past in onze rechtsstaat. Het werkt niet als men zich vastklampt aan tradities die strijdig zijn met democratische vrijheden.” Diversiteit is prima, kortom, maar die kan niet zover gaan dat mensen democratische waarden en rechtsstatelijke vrijheden uitleveren aan diezelfde diversiteit. Die staan recht overeind. Daar zit de ’eenheid’.

En over de plek van religie in de staat en maatschappij:

[…] Religie als ’privézaak’ betekent helemaal niet dat gelovigen in de maatschappij niet voor hun religie zouden mogen uitkomen. Dat mag iedereen – het is een recht dat wordt beschermd door artikel 6 van de Nederlandse Grondwet. Geen mens die je iets in de weg legt. Waar de discussie om draait is ten eerste of de geloofsbeleving van gelovigen met publieke middelen mag worden betaald en ten tweede of de staat zelf in het religieuze dispuut stelling moet nemen door één of meer officiële godsdiensten te bevorderen boven andere godsdiensten of boven ongeloof. […]

Belangrijk is wel dat er open over dit soort onderwerpen gesproken wordt, en daar schort het volgens Cliteur nogal aan:

Zelf heb ik soms de indruk dat in Nederland de échte punten niet aan de orde komen. Tegenwoordig hebben wij het gevoel dat samenleven problematisch is geworden. Onderschrijven we allemaal nog wel dezelfde waarden? Maar omdat we die discussie niet aandurven, voeren we een discussie over iets dat erop lijkt, maar dat we een minder gevaarlijk onderwerp vinden. […] Toch, uiteindelijk moeten we aan de orde durven stellen dat de gehele burgerij de basiswaarden van rechtsstaat, democratie en mensenrechten moet onderschrijven. Vervolgens kun je – natuurlijk – discussie voeren over wat die waarden zijn, wat ze inhouden en wat in overeenstemming en wat in strijd is met die waarden. Maar elk gesprek daarover van tafel vegen als ’provocatief’, ’niet-respectvol’ of anderszins ongewenst, stelt het noodzakelijke gesprek alleen uit.

De elementen die de westerse vrije samenleving kenmerken zijn niet vanzelf ontstaan en moeten actief worden verdedigd, aldus Savater en Cliteur. En dat betekent dat een maatschappij de moed moet opbrengen om daar open en eerlijk over de spreken en het aan de orde te stellen. (En dan niet alleen selectief als het een politieke tegenstander betreft.)

We moeten goed voor ogen houden, schrijft Savater, dat vooruitgang niet te danken is aan een of ander mechanisme van de Voorzienigheid of van de geschiedenis. Dat laatste dacht Condorcet, maar Savater bestrijdt dat. Hij zegt: „Vooruitgang is altijd en overal louter het resultaat van onze eigen bewuste inspanning, van ons eigen vermogen om te vechten tegen wat slecht is en te vechten voor wat beter is.”

Het probleem met deze tijd is niet dat de waarden van democratie, rechtsstaat, tolerantie en mensenrechten niet meer als idealen worden gezien, maar dat mensen denken – in het bijzonder de intellectuele en bestuurlijke elite – dat ze geen verdediging behoeven. Elke vorm van verdediging wordt afgewezen als militant, agressief, zelotisch, theatraal, fundamentalistisch, onnodig, provocatief, polariserend of ’moreel hysterisch’. Radicale religieuze predikers met de bizarste ideeën over de man-vrouwverhouding, religieuze straffen en homoseksualiteit wordt de hand boven het hoofd gehouden. Zij krijgen prestigieuze staatsprijzen en lucratieve onderzoeksopdrachten. Het lijkt wel alsof een decadente culturele en politieke elite haar tolerantie wil demonstreren door het intolerante salonfähig te verklaren. […]

Vreemd, je voelt het altijd direct als iemand enige ervaring heeft met terrorisme. Dan hoor je iemand niet klagen over het opsteken van een sigaret in een kruitfabriek, maar zich afvragen hoe de samenleving in een kruitfabriek is veranderd.

Misschien kan de Erasmus universiteit beter Fernando Savater op de stoel zetten die nu wordt bezet door Tariq Ramadan.

Lees vooral het hele artikel.

Cultuur en criminaliteit

Dat niet-westerse allochtonen relatief vaak worden verdacht van een misdrijf, komt slechts voor een deel door hun achtergestelde sociaaleconomische positie. Dat concluderen drie wetenschappers in een artikel in de laatste editie van het sociaalwetenschappelijk tijdschrift Mens & Maatschappij. Zij vermoeden dat ook culturele factoren een rol spelen bij de hogere criminaliteitscijfers onder etnische minderheden. […]
Zij hebben deze cijfers vervolgens gecorrigeerd op een aantal sociaaleconomische factoren, zoals het inkomen van huishoudens. De verschillen tussen autochtonen en allochtonen worden dan kleiner, maar zijn nog steeds aanzienlijk.

”Samenvattend kunnen we stellen dat het ook na correctie voor een aantal demografische en sociaaleconomische achtergrondkenmerken niet al te positief is gesteld met de criminaliteit onder niet-westerse allochtonen.”
[bron]

Iedereen wist het eigenlijk wel, sommigen zeiden het ook al, maar nu is het ook wetenschappelijk bewezen. Dat betekent dat de notoire multiculti’s en politiek correcten nu met een kater wakker kunnen worden uit hun permanente staat van ontkenning. Het is natuurlijk ook niet vreemd dat cultuur een belangrijke verklaring voor criminaliteit is, want wat is cultuur meer dan het geheel van normen, waarden, gewoontes en gebruiken van een (deel)gemeenschap? Dat de oorsprong van criminaliteit voor een belangrijk deel daar gezocht moet worden is dus niet meer dan vanzelfsprekend.

Zo zou bij Turkse en Marokkaanse jongeren meespelen dat de cultuur van hun ouders en die van de Nederlandse samenleving erg verschillend zijn.

Dat is dan de veelgehoorde verklaring: het verschil in culturen. Als dat juist is heeft dat een aantal vertrekkende implicaties. Enerzijds zou het impliceren dat immigratie uit landen met een cultuur die ver van de Nederlandse afstaat onwenselijk is. Anderzijds zou het betekenen dat het ongewenst is om die verschillende culturen naast elkaar te laten bestaan: het definitieve failliet van de multiculturele samenleving, althans, voor zover het de culturen betreft die ten grondslag liggen aan deze criminaliteit. Want het is maar de vraag of alle culturen die verschillen van de autochtoon Nederlandse (wat is die trouwens?) ook criminaliteit in de hand werken.

Om welke aspecten van de cultuur het dan gaat is schijnbaar niet onderzocht maar met een beetje common sense is dat niet zo moeilijk te raden:  respect voor gezag buiten het gezin (politie, school), eer schaamte en trots, respect voor mensen buiten de eigen gemeenschap, houding tegenover andersdenkenden (bv. homo’s), etc.

Cultuur is een moeilijk te definiëren begrip, maar daarom niet minder van invloed op ons gedrag. Het is bovendien een dynamisch verschijnsel. De suggestie dat de Marokkaanse cultuur of de islam misdaad produceert, is onzinnig. Het gaat immers om jongeren die in Nederland zijn geboren en opgegroeid, maar gesocialiseerd zijn in Marokkaanse gezinnen.
Toch spelen Marokkaanse culturele patronen als eer, schaamte, trots, wantrouwen en hoge gevoeligheid wel degelijk een rol in hun gedrag. [bron]

Deze aspecten zie je overigens (voor een deel) ook terug bij Nederlandse tokkie’s, dus misschien moet de conclusie gewoon zijn dat veel immigranten feitelijk geimporteerde tokkie’s zijn. De achtergrond van die immigranten uit de in het onderzoek genoemde landen (mn. Marokko, Turkije, Antillen) bevestigd dat wel: het zijn nl. meestal mensen uit de sociaalculturele onderklasse en opvoeding is belangrijke factor in gedrag.

Na de leeftijd van ongeveer 18 jaar dalen de Marokkaanse verdachtencijfers erg snel, hetgeen niet gebeurt bij Antilliaanse verdachten, die dalen pas na hun 40ste. [bron]

Maar misschien is dat ook te makkelijk. Want het hoge aantal gevallen van geestesziekten onder sommige allochtoonse groeperingen zal ongetwijfeld ook van invloed zijn, evenals de mate van drugsgebruik: veelplegers blijken nl. vaak verslaafd te zijn. En Hans Werdmolder beschreef reeds in zijn boek “Marokkaanse Lieverdjes” de gevolgen van de Antilliaanse cultuur, waar de mannen hun verantwoordelijkheid als vader niet nemen, en kinderen daardoor vaak in gebroken gezinnen opgroeien. Maar uit de weinig beschikbare onderzoeksresultaten naar intergenerationele criminaliteit blijkt dat crimineel gedrag van de vader vaak op de zoon wordt overgedragen, en dat de aanwezigheid van een criminele vader dus eerder negatieve invloed heeft. Last but not least kan de vraag worden gesteld in hoeverre genetische oorzaken een rol spelen.

The authority of the family institution

“As representatives of Christian religion in Bulgaria we want to express our deepest concern about the organising of gay parade in Sofia for a second year in a row” the letter said.

“Such parades discredit the authority of the family institution as a union between a man and a woman. By allowing the aggressive display and public parade of homosexual orientation and way of life, you put Bulgaria in serious danger” it said.

The example of The Netherlands and Scandinavian countries shows that the successful public campaign of homosexuals drastically undermines marriage as an institution”.

The letter quotes surveys showing that homosexuality harmed physical and mental health and had an impact on people’s life expectancy. […]

They said that the gay parade was an attempt to blur the boundaries between “normal” and “abnormal” behaviour. [bron]