Bas Heijne: Racistische reaguurders dreven Anil Ramdas tot zelfmoord

Het is die nieuwe orde waarin de politicus Cohen ten onder ging. Ik vermoed dat voor de onlangs overleden Anil Ramdas hetzelfde gold. Waar hij, denk ik, niet tegen kon, was niet zozeer dat zijn opponenten in het integratiedebat er een andere mening op nahielden, maar dat ze een heel ander spel leken te spelen. Dat was het spel waarin een man als Breitbart zich juist zo bedreven toonde – prikken, honen, half serieus, maar vooral hyperbolisch.

Ramdas nam die handschoen op; hij ging terugschelden tegen mensen die het woord intellectueel alleen gebruiken in combinatie met quasi-. Met als resultaat dat hij in een naargeestige maalstroom van beledigingen terechtkwam – veel reacties onder zijn columns op de site van het Vlaams-Nederlandse culturele instituut De Buren waren onbeschaamd racistisch. Het is een strijd die je niet kunt winnen – omdat voor je tegenstanders de strijd zélf het genot is. [bron]

(meer)

7 thoughts on “Bas Heijne: Racistische reaguurders dreven Anil Ramdas tot zelfmoord

  1. Ik vind dit nogal een laagbijdegrondse en gemene beschuldiging tegen een ieder die het (in dit geval) niet met Ramdas of Breitbart eens was en hieraan op enigerlei wijze uiting gaf.
    Bovendien wordt door dit soort uitspraken het vrije woord van zowel links als rechts, correct of incorrect, gepoogd in de kiem te smoren.
    Immers, Heijne stelt dat “Waar hij, denk ik, niet tegen kon, was niet zozeer dat zijn opponenten in het integratiedebat er een andere mening op nahielden, maar dat ze een heel ander spel leken te spelen.”, daarmee suggererend dat eenieder die zich buiten de “vastgestelde” paden begeeft schuldig is aan de politieke mislukking of zelfs dood van een opponent.

  2. De waarheid mag blijkbaar niet aan het daglicht komen! Een betere manier is schijnbaar de mensen elimineren, die met belastende bewijzen komen, zodat zij uitgepraat zijn! Wij moeten niet een blad voor ons mond houden en de waarheid spreken om vrijheid en gelijkheid en broederschap te laten overleven!

  3. Tenondergaan aan Kritiek? In geval van Ramdas op zijn Columns???? in geval van Cohen op zijn functioneren??? hahahaaa………………
    Dan had Geert Wilders zichzelf al drie keer moeten verhangen!!! Zeker op het moment dat de vuile laffe linkse kliek hem voor de rechter sleepten. Wat een lariekoek. Ramdas en Cohen zijn geen slachtoffers. Zij wilden slachtoffers maken., namelijk De Staat en de burgers die voor de linkse hobbies moeten betalen.
    Gewoon- laf links gedrag- dat niet overal getolerreerd werd, dat is hen beiden nootlottig geworden. Alleen met dit verschil,……… Job is er nog.

  4. De Ramdas was een vervelende linkse idioot die aantoonbaar uit zijn nek lulde. En om nu opeens een soort heiligheids-necrologieeen te gaan schrijven -oh, oh, wat was onze Anil toch een goeie jongen- over deze intellectuele lichtgewicht: Een vervelende manier om het debat te verstieren alleen maar omdat het niet de linkerkant op gaat.

    Bah.

  5. Om de racisme-kaart te kunnen spelen moet men toch minimaal één opa hebben uit Afrika. Om echt links te kunnen zijn moet men toch minimaal vijf jaar op bijstandsniveau hebben geleefd. Voor Anil Ramdas geldt dat kennelijk niet. De tuinman van zijn opa, of de opa van zijn tuinman kwam uit Afrika of zo iets. Debatteren over hoe moeilijk bijstand-trekkers heb hebben is niet voldoende. Een chablis opentrekken en dan met een half dronken kop plannen maken voor een nieuw ‘communistisch’ manifest is niet voldoende.

    Als iemand de laatste twintig jaar van zijn leven niets presteert dan kan hij altijd zijn afkomst, misbruik van een RK-Priester of het ras van andere mensen de schuld geven. Nooit wordt de reden voor het mislukken bij zichzelf gezocht. Ik las recent over Anil Ramdas dat hij de laatste tijd van zijn leven zwalkend over straat ging en met zijn dronken kop tegen iedereen aanbotste. Vervolgens betichte hij de mensen tegen wie hij aangebotst was van racisme! Omdat zij niet voor hem aan de kant wilden gaan.

    Anil Ramdas is geen neger! Noch is hij links in de zin van dat hij zijn rijkdom en zijn kansen wilde delen met mensen die het minder getroffen hadden dan hij. De linksheid van Ramdas was niets anders dan een pose. Het was het resultaat van een diepe wens dat er een revolutie zou komen, dan zouden de juiste posities vrij komen voor de juiste mensen die dan op de juiste plaats zouden komen. Kortom de ultieme definitie van een salon-socialist! Nooit gewerkt maar altijd bereid om het proletariaat te leiden of duiding te geven.

  6. HOE STAAT HET MET SURINAAMSE SCHRIJVERS IN NEDERLAND?

    Inleiding

    Hoe staat het anno 2014 met de positie van Surinaamse schrijvers in Nederland? Naar verluidt is er geen beweging meer op dat literaire front. Uitgeverij In De Knipscheer die de meeste Surinaamse schrijvers in haar fonds heeft, probeert de stilte te doorbreken middels uitgave van een rijkelijk geïllustreerd inkijkboek, getiteld: “De Stilte van het Ongesproken Woord “ dat geheel gewijd is aan drie klassieke Surinaamse dichters, t.w. Shrinivasie, Dobru en Trefossa wier werken hoofdzakelijk in Paramaribo verschenen. Aan de universiteit te Amsterdam is er nog de leerstoel Caraibische letteren maar naar verluidt hebben de vijftien promovendi die al sinds 2006 aan hun dissertatie aan het sleutelen waren geweest, hoogleraar Van Kempen de rug toegekeerd. Voor de rest zou het rondom die leerstoel dan ook erg stil zijn. Hierover verder nog meer.

    Toen ik rond 1980 begon met het schrijven van literaire kritieken, gold Albert Helman binnen het spectrum van de Surinaamse letteren als de grootste schrijver en essayist. Zijn status was vergelijkbaar met die van Simon Vestdijk in Nederland. Zijn voornamelijk in de Salamanderreeks van Querido uitgegeven werken hadden Helman een haast onaantastbare positie gegeven. Zelfs zijn postuum verschenen werken deelden in die reputatie. Desalniettemin werd Helman nooit als norm beschouwd voor het beoordelen van het werk van andere Surinaamse schrijvers. Surinamers verweten hem dat hij over hun land schreef zoals een buitenlander dat zou doen. Surinamers hebben de grote kwaliteiten van zijn werk, de veelzijdigheid, de intelligentie , de meerduidigheid van personages en situatie, de eruditie en de rijkdom van iedere afzonderlijke passage nooit kunnen inzien en begrijpen. Hierdoor is hij een onbegrepen monument gebleven in het drassige Surinaamse literaire polderlandschap. Helman’s in 1952 gepubliceerde roman De Laaiende Stilte heeft de vorm van een dagboek waarin negerslaven de passieve slachtoffers zijn van de niet aflatende blanke willekeur en morbide plunderdrift. Ze haatten de negers als lastige dieren, een kudde van luie en trouweloze beesten, die te dom zijn om hun plicht, het eeuwige werk, te begrijpen en uit te voeren. In dit boek heeft Albert Helman de historische ontwikkeling van Suriname geschetst, zoals Cynthia Henri McLeod-Ferrier dat zou doen in haar roman Hoe duur was de suiker? (1987).

    Surinaamse schrijvers in Nederland laten zich vanwege de wijze waarop die in Nederland worden ontvangen, kenmerken door drie categorieën t.w. een bovenlaag, een middenlaag en een onderlaag. Tot de bovenlaag behoren wijlen Albert helman,wijlen Edgar Cairo, Astrid Roemer , Bea Vianen, Cynthia Henri McLeod-Ferrier, wijlen Clark Accord , Leo Ferrier, wijlen Hans Faverey en wijlen Anil Ramdas. Dit zijn namen die vanwege de onthaal door Nederland meteen bekend in de oren willen klinken. Tot de middenlaag behoren Karin Amatmoekrim, Usha Marhé, Ellen Ombre, Shrinivasie, Noni Lichtveld, Candani(Asha van den Bosch-Radjkoemar, en Antoine De Kom. Van deze laatste kwam je weleens gedichten tegen in een avantgardistisch literair tijdschrift als De Revisor en ook in het inmiddels opgeheven tijdschrift Raster. Tot slot de onderlaag waar een gros- in- een- dozijn aan rijmelaars en scribenten deel van uit maakt. Deze laatste categorie laat haar boeken zelf drukken door een drukkerij en ziet men die op den duur in de vitrine van Surinaamse toko’s uitgestald liggen tussen de belegde broodjes en snacks. Dat zijn hun enige distributiepunten. Op zich is deze ontwikkeling voor alle drie de categorieën niet wonderbaarlijk omdat een beetje kwaliteitsuitgeverij in Nederland publicatie van het werk van een Surinamer een te groot risico vindt. Ik denk dat de onderlinge controverse tussen Surinaamse schrijvers hen ook niet veel voordeel bezorgt. Eén van de meest toonaangevende literaire agenten, t.w. Paul Sebes verklaarde zelf tegenover de pers dat uitgeverijen de deuren al te graag wijd open houden voor Noord Afrikaanse auteurs. Surinamers vallen dus niet onder de Nederlandse prioriteit.

    Taalerkenning en onderlinge miskenning

    De verklaring t.a.v. het overweldigende succes van Islamitische schrijvers in Nederland en de ontvangst van hun werken door literaire etablissementen is op enigerlei wijze een beetje duidelijk: Ze hebben in tegenstelling tot hun Surinaamse collega’s sowieso meer stof om erover te schrijven. Islamitische schrijvers weten zich te profileren, ze zijn een grote groep in Nederland die een commerciële houvast doet vermoeden. Het woord halal roept dezelfde associaties op als Wallstreet. Zij zijn beter vertegenwoordigd en georganiseerd middels hun eigen literaire platforms etc. Op hun Suikerfeest begaan zij nooit de fout om prominente Nederlandse gasten waaronder uitgevers niet uit te nodigen voor een culturele kennismaking. Anderszins passen vele Nederlanders een soort taalselectiviteit toe waardoor die zich veel respectvoller en ontvankelijker lijken op te stellen tegenover taalgebruikers uit andere taalstreken dan uit Suriname. Als deze positieve grondhouding bedoeld is om andere cultuurgroepen hierdoor het hart onder de riem te steken dan moet er worden opgemerkt dat Surinaamse schrijvers, ondanks het feit dat Suriname al sinds 2005 als lid is toegetreden tot de Nederlandse taalunie, er niet bepaald een extra voordeel door hebben gehad. Surinaamse beleidsmakers op zich hebben ook nooit een stimulerende rol willen spelen in de uitbouw van Suriname tot iets van betekenis en allure . De journalistiek in Suriname bijvoorbeeld wervelt op dezelfde wijze als een straffe tropische stormwind. Hoewel de persvrijheid in het land nog steeds om een omschrijving doet snakken , past men nu al een perscensuur toe, zelfs als de censuurwaardige tekst de printer nog niet heeft verlaten. Voor literatuur bestaat er weliswaar de schrijversclub D’70 maar die hanteert een selectiviteit waarover hieronder nog meer.

    Onderlinge haat en nijd

    Surinaamse schrijvers scheren langs elkaar en weten zich ook niet te bundelen. Indien één van hen een literair festival organiseert legt men meteen een zwarte lijst aan met namen van schrijvers en dichters die men onder geen beding zal willen uitnodigen. Dit geldt ook voor bloemlezingen en themanummers van literaire tijdschriften. Een goed illustratief voorbeeld voor deze laatste is het volgende: Tussen 1994 en 2008 zijn er heel wat literaire tijdschriften en bloemlezingen geweest zoals De Gids, De Tweede Ronde, Armada, Streven, Deus ex Machina etc. waarbij de redactie onder het gezag van voornoemde hoogleraar in de Caraibische letteren een themanummer heeft willen wijden aan Surinaamse dichters en schrijvers. Deze hoogleraar die doorgaans de gewoonte had alles en een ieder te bespreken, zelfs de kruidenier in Suriname die in de ogen van hem diens koopwaar in een vrij literaire/poëtische stijl had aangeprezen, maakte in deze themanummers nu opeens een zogeheten kritisch onderscheid. Op zich zou er niets oneervols in steken ware het niet dat de hoogleraar enkel op aandringen van een groep georganiseerde Surinaamse auteurs een andere categorie met wie men in de clinch lag, buiten sloot. Literaire criteria zijn door de hoogleraar niet eens toegepast geweest.

    De gunningpolitiek:

    Sinds hoogleraar Michiel van Kempen een aanzienlijke positie toebedeeld heeft gekregen binnen de Surinaamse letteren is er een Surinaamse literaire hiërarchie ontstaan die voornamelijk op zijn voorkeuren berust. De punt van de piramide bestaat uit vertegenwoordigers van zich snel uitbreidende minderheidsgroepen. De oude, geëerbiedigde structuur steunde voornamelijk op maatschappelijke en politieke pijlers. Binnen die traditie werd de kwaliteit van de literatuur ondergeschikt geacht aan de eclatante positie die een persoon op politieke gronden toebedeeld had gekregen. Dat principe staat dwars op de in Suriname gangbare ‘gunningspolitiek’. Voordat Van Kempen de nieuwe hiërarchie instelde, was de literaire nijverheid een zaak van mensen die een goede positie bekleedden in de maatschappij, in welk geval de dynastie van Suriname. Enkele dynastieleden die hieruit voortkwamen waren Eddy Bruma, Ronald Venetiaan etc. die ondanks de benedenmaatse kwaliteit van hun verbale toebereidselen de Surinaamse literaire top-tien behaalden. Deze politieke gunning heeft het Surinaamse literaire landschap geen goed gedaan. Van Kempen gooide die hiërarchie om en bevoordeelde minderheidsgroepen. Ook als hun literatuur niet echt ‘top’ was. Van Kempens indeling komt overeen met het beginsel van gunning (niet zozeer de literaire argumenten gelden, als wel het feit dat je tot een minderheid behoort). Hierdoor is het Surinaamse gunningbeginsel niet verdwenen maar enkel van grondlegger veranderd en wel van één uit Brabant. Binnen de door Van Kempen geschapen Surinaams-hiërarchische structuur was het haast vanzelfsprekend dat na de dood van Helman anderen aan de top kwamen en dat de kwaliteitsnormen zouden veranderen. Deze ontwikkeling compliceerde de discussie over de Surinaamse literatuur aanzienlijk. Het leek er nu op alsof iedere ontwikkeling van Suriname en Surinamers onlosmakelijk verbonden zou blijven met het beginsel van gunning. Surinamers zelf verwoorden deze ontwikkeling fonetisch als volgt: ‘je moet niet denken dat je hier automatisch en zonder iets goewweldig wordt.’

    Rabin Gangadin is socioloog, landbouwingenieur en gepromoveerde sociaaleconoom. Daarnaast is hij dichter,schrijver, essayisten literaire criticus . Hij werkt aan zijn tweede dissertatie op het gebied van de communicatiewetenschappen, aan zijn roman De Reis Naar Suriname, en aan een essay met de werktitel: De Surinamer bestaat niet .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s